Dag 10

We passen onze planning een beetje aan door de weersvoorspellingen voor morgen, heel de dag onweder met hevige regenbuien, dus moeten we vandaag nog een buitenactiviteit organiseren. Niet zover hier vandaan ligt het land van de Catharen. In een ver verleden hebben we al Peyrepertuse en Carcasonne bezocht, dus nu op zoek naar iets anders. Aan ruines van kastelen geen gebrek hier in de omgeving maar aangezien we er maar eentje willen doen kiezen we voor de meest geprezene.

Nog effen stappen

We vertrekken dus naar de ruïne van Lapradelle-Puilaurens. We moeten voorbij Perpignan, en zoals in elke grote stad zijn er de ochtend-files. We verliezen al bij al maar een 10-tal minuutjes dat viel nog mee. Eens op de D117 richting Foix gaat alles zeer vlotjes. Er zijn natuurlijk de onvermijdelijke rotondes en in de dorpen de vele verkeersdrempels maar zo kan ook de chauffeur nog een beetje van de omgeving genieten. Je kan niet met je auto tot aan de ingang van zo een ruïne rijden. Vanaf de parking moet nog een behoorlijk eind gestapt maar vooral geklommen worden.  De boomwortels doen dienst als natuurlijke treden en dalende tegenliggers vormen nu en dan een prachtig excuus om effen aan de kant te staan en op adem te komen.

Anders is er natuurlijk nog het zo nodige fotomoment. De toegang naar de burcht gaat over een zigzagpad wat een voortreffelijke verdediging mogelijk maakt. Er is een groot plein dat ommuurd is, de uitkijktorens en de kantelen zijn nog in heel goede staat. Een kleiner ommuurd gedeelte bevat vooral de “leefruimtes”. Veel krijgers hebben hier nooit verbleven. In 1259 waren hier een burchtheer, waarschijnlijk zonder vrouw, een slotpriester en 25 bewapende soldaten. Ze werden bijgestaan door heel veel waakhonden. Het slot moest herhaaldelijk standhouden tegen de invallen van Spanje. Afdalen naar de bewoonde wereld gaat iets vlugger maar is een aanslag op de kuitspieren.

De zigzagtrap naar de ingang
Het grote binnenplein
Zicht vanuit de “leefruimtes”

Na de picknick trekken we via de “route de vin” naar “Les Orgues de Ille-sur-Têt. Het landschap van de Orgues strekt zich uit als een amfitheater met wanden van 10 tot 12 meter hoge gebeeldhouwde zuilen. Dit natuurfenomeen lijkt onbeweeglijk maar in feite is het voortdurend aan verandering onderhevig. Elke keer als het regent worden er grote hoeveelheden zand meegesleurd. Voortdurend veranderen is relatief. Het heeft ongeveer 5 miljoen jaar geduurd om wat we vandaag zien te verkrijgen. In de wereld zijn nog gelijkaardige landschappen te bezichtigen zoals in Pontis (Alpen) in Cappadocie (Turkije) of in de Bryce Canyon in de USA.

Zicht vanaf de grote baan
10 à 12 meter hoge zuilen

Bijna heel onze rit vandaag volgden we de route de vin, een groen weggetje in de Michelingids, niet de snelste weg maar met prachtige vergezichten. Deze twee uitstappen namen telkens ongeveer twee uur in beslag. Zeer veel stappen waren het niet maar vooral de hoogtemeters van de eerste uitstap maken dat onze beentjes het toch goed voelen.

Op de camping zetten we nog snel ons voorzeil op, slagen nog een paar extra piketten in de grond en elke steunpilaar krijgt nog een extra touw om het voorspelde onweer en de mistral te trotseren.

Voor morgen zien we wel wat er gaat gebeuren. Weersvoorspellingen zijn geen exacte wetenschap. Voor Woensdag en volgende dagen is het weer volle zon en tussen de 25° en 30°.

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag